Leven

Het strandje

“Het wordt dit weekend zo warm,” zei mijn schoonmoeder, ”kom lekker naar het strandje.”

Al jaren zoekt mijn schoonmoeder in de zomer verkoeling op ‘het strandje’. Een smalle strook mul zand langs de Maas. Bij hoog water blijft er van het strandje weinig over, maar dat mag de pret niet drukken. Je kunt er nog net Covid-proof liggen en het water is schoon. Wat wil je met 34°C nog meer?

Het strandje, ik was er wel eens eerder geweest, twee jaar geleden. Toen voelde ik me minder zelfverzekerd en was ik te bewust van mezelf om rond te kijken naar mijn omgeving. Dit keer was anders. Voordat we goed en wel welkom waren geheten in de enclave van de vaste gasten, als zoon en schoondochter van, had ik mijn jurk al uit en dreef ik in het water. Het was heerlijk om na een ochtend goed sporten en rommelen in huis, af te koelen met een frisse duik.

Ik vind het fascinerend dat het me met de jaren steeds minder gaat interesseren wat andere mensen van mij denken. Jarenlang vond ik mezelf lelijk en dik en vooral niet de moeite waard. Ik in een bikini, wat moesten andere mensen wel niet denken? (En ik had nogal wat ideeën over wat al die mensen dachten.)

Nu neem ik gerust, in mijn bikini, nog een handje vol zoutjes. Zouten aanvullen en genoeg drinken is belangrijker dan wat mensen denken. En als ze me te dik vinden, dan hebben ze gelijk, ik heb wat overgewicht, daar ben ik van op de hoogte.

Dan denk je misschien: meid, stel je niet aan, die mensen hebben wel wat beters te doen dan naar jou kijken. Klopt helemaal, ze kijken niet alleen naar mij, maar evalueren iedereen op het strandje. Lig een half uur met je ogen dicht te luisteren en je bent weet ongeveer alles over iedereen die je toch niet kent. Zo heb je: ‘hij die nooit smeert’, ‘zij in dat vodje’, ‘de vrouw van die leuke eigenaar van dat café’ (zijn vorige vriendin was schijnbaar echt een bitch, ze hebben een hele leuke speciale hond), ‘zij van die schreeuwende kinderen’ en dan nog wat aanduidingen op basis van visuele kenmerken zoals haarkleur, -dracht, etc.

Het strandje, met het gemêleerde publiek, een waardige afspiegeling van de multiculturele Rotterdamse samenleving. Ik geniet ervan. Alle kinderen spelen met elkaar en een aantal ‘haviken’ aan de kant let goed op de aandacht van de ouders op hun kinderen. Het voelt veilig, vertrouwd en als onderdeel van een geheel. Sommige mensen zijn alleen gekomen, anderen in een groepje, maar als je in bent voor een praatje, ben je overal welkom. Als ze je maar kennen. Want een samenleving zou geen samenleving zijn zonder angst en wantrouwen.

Het begint met een groepje dat helemaal ‘swag’ met een gettoblaster het strandje op komt lopen en zich iets te dicht bij de handdoek van iemand anders vestigt. “Wel een beetje afstand houden hè”, klinkt het. Je merkt dat iedereen meteen alert is en als een groep stokstaartjes naar de nieuwkomers kijkt. ‘De man met de sigaar’ begint tegen een van de nieuwkomers te praten over koetjes en kalfjes en lijkt de nieuwkomer min of meer te kennen. Er wordt wat gelachen en alle stokstaartjes kruipen terug in hun gangenstelsel.

Niet veel later komt er een jong Islamitisch gezin. Ze zijn nooit eerder op het strandje geweest en je raadt het waarschijnlijk al, alle stokstaartjes op hun qui-vive. Gelukkig is de vrouw goedlachs, zijn de kinderen schattig, de man erg vriendelijk en worden ze snel in de groep opgenomen. Echt, het lijkt wel een natuurdocumentaire.

Als de rust is wedergekeerd, meldt zich een opperhoofd met aanhang. Hij bakent met een schep meteen een gebied af en presenteert het gezin als ‘nou, je hebt ‘sex on the beach’ en wij zijn de ‘aso’s on the beach’. De groep stelt zich vijandig op en houdt alles wat hij doet nauwlettend in de gaten. Al snel wordt er veel schande gesproken (liefst zo hard en hoorbaar mogelijk) en is er medelijden met de vrouw van het gezin en een van de kinderen. Helaas, denk ik na alle observaties van gedrag, lichaamshouding en -taal, is dat waarschijnlijk terecht. Het opperhoofd bewaakt de plek en zijn gezin goed en zorgt dat er niemand contact met hen maakt.

Voor de stokstaartjes is het een lange, bloedverziekend hete dag geweest en is het tijd voor een warme hap. Zij weten niet goed wat te doen en wensen het beste. Ze druipen af en hopen dat het aankomende hoogwater en de waterbus ervoor zorgen dat de handdoek van het opperhoofd straks wegdrijft, met al zijn spullen erbij…

Het strandje, een echte minicommunity, vroeger moest ik er niets van hebben. Schijnbaar verandert dat dus als je ouder wordt. Je bent bewuster van je omgeving en minder van jezelf. Je bent meer onderdeel van het geheel en zo voelt dat ook. Zou dat zijn hoe we als mens groeien? Van individu-individu naar groeps-individu, met onze eigen functie en bijdrage?

Waar je als dertiger met deze weersomstandigheden niet over nadenkt hè? Het zal wel door de warmte komen.

Liefs,

Sharon

2 Reacties

Laat een reactie achter aan Angelique Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *